Posts tonen met het label Turkije. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Turkije. Alle posts tonen

zondag 9 juni 2019

Blinde liefde


Ik was deze week blij verrast.
Integere, fatsoenlijke politici, ze bestaan nog!
Nee, ik heb het niet over Mark Rutte die de uitkomsten van de eerste doorrekening door de diverse planbureaus van het klimaatakkoord onder de pet hield tot nà Prinsjesdag en zo terecht werd verweten de Kamer onvolledig te hebben ingelicht.

Afgelopen donderdag vond, in aanloop naar het verantwoordingsdebat, een debat plaats over de betrekkingen met Turkije. Nadat meerdere woordvoerders hun zorg hadden uitgesproken over de ontwikkelingen in dat land op het gebied van mensenrechten, vrije pers en de afkalving van de democratie die daar plaats vindt, was het de beurt aan de woordvoerder van Denk, Selçuk Öztürk.
In zijn betoog hield hij een warm pleidooi om de handelsbetrekkingen met Turkije uit te breiden en te verstevigen. Dat zou goed zijn voor de Nederlandse economie. Hij klonk bijna als een VVD'er!
Volkomen legitiem natuurlijk. We kennen de blinde liefde die de partij Denk koestert voor het oude moederland en het staat hen vrij om dit standpunt in onze vrije samenleving uit te dragen, zij het dat het ware toe te juichen als zij ook oog zouden hebben voor de donkere kanten van hun geliefde. Maar ach, u weet hoe dat werkt met blinde liefdes.
Toen Sadet Karabulut (SP) hem vroeg of het aanhalen van die handelsbetrekkingen hand in hand moest gaan met een kritisch aanspreken van de Turkse regering op het gebied van de mensenrechten, barstte de bom.....
Geen antwoord gevend op haar vraag beschuldigde Öztürk in zijn weerwood het kamerlid banden te hebben met de terroristische beweging PKK, waarna kamervoorzitter Khadija Arib ingreep en hem vroeg met bewijzen te komen voor zijn bewering en anders deze beschuldiging terug te nemen.
Öztürk weigerde en lapte alle regels en fatsoensnormen aan zijn laars door constant door de woorden van de voorzitter heen te kakelen en haar tussen neus en lippen door te betichten van partijdigheid.
Uiteindelijk ontnam zij hem het woord, waarop Öztürk verbolgen reageerde dat hij "monddood" werd gemaakt omdat zijn spreektijd nog niet om was.....

Nee, ik heb het zéker niet over Selçuk Öztürk die door zijn misdragingen al meerdere malen het bewijs heeft geleverd dat hij de titel van volksvertegenwoordiger onwaardig is. Hij heeft de mond vol over vrijheid van meningsuiting maar beschimpt en schoffeert mensen die zijn mening niet zijn toegedaan en steunt openlijk een regime waar de vrijheid van meningsuiting ver te zoeken is. Hij spreekt mensen aan om zich aan de regels en de fatsoensnormen te houden, terwijl hij deze zelf keer op keer aan zijn laars lapt. Een man die zich in woord inzet voor de vrijheid maar in werkelijkheid zichzelf heeft verlaagd tot slaafje, hielenlikker en bruinwerker van Erdogan......

Nee ik heb het over de woordvoerders van de andere partijen die als één man opstonden en zich schaarden achter Karabulut na de aantijgingen aan haar adres. De manier waarop zij Öztürk (ik laat "de heer" bewust achterwege) te woord stonden dwong respect af. Rustig en in fatsoenlijke bewoordingen dienden zij hem van repliek. Zelfs de woordvoerder van de PVV Raymond van Roon liet zich niet verleiden tot het zichzelf verlagen tot het niveau van Öztürk.
Zelfs nadat Karabulut had aangegeven geen enkele moeite te hebben om de PKK te kwalificeren als een terroristische organisatie, bleef Öztürk als een verongelijkt kind volharden in zijn beweringen.
Bram van Ojik (Groen Links) probeerde nog met scherpe, ter zake doende vragen om Öztürk weer in het gareel te krijgen, maar het bleek tevergeefs.
Het onbeschofte gedrag van Öztürk meer dan zat, gaf Arib het woord aan de volgende spreker, Pieter Omtzigt van het CDA. Öztürk bleef demonstratief achter de microfoon staan en leek niet van zins zijn plaats af te staan. Persoonlijk had het mij niet verbaasd als op dit moment iemand was opgestaan en Öztürk met een paar ferme klappen achter het katheder vandaan had geslagen. Hij solliciteerde daar duidelijk naar.
Uiteindelijk droop hij mokkend af.
Bram van Ojik ving hem op en praatte nog een poosje op hem in. Waarschijnlijk trachtte hij Öztürk enige realiteitszin bij te brengen en hem aan het verstand te brengen dat zijn gedrag ècht niet kon, maar het mocht niet baten.
Paarlen voor de zwijnen. Letterlijk en figuurlijk....

Wat had hij met zijn optreden bereikt?
In ieder geval zette het mij tot nadenken......
Als een minderheid wordt achtergesteld en onderdrukt en de democratische weg om daar tegen te protesteren wordt afgesneden, is het begrijpelijk dat zij andere wegen zoekt om haar stem te laten horen.
De achterstelling en onderdrukking van de Koerden in Turkije dateert al van na de afloop van de onafhankelijkheidsoorlog (1919-1923) welke in de nasleep van WOI tussen Koerden en Turken werd uitgevochten. Deze stelselmatige onderdrukking leidde uiteindelijk tot het ontstaan van de afscheidingsbeweging PKK in 1978 welke een gewapende strijd voert tegen het Turkse regime en streeft naar onafhankelijkheid voor de Koerden.
Een terroristische beweging? In de ogen van de Turkse overheersers ongetwijfeld, maar......

Deze week was ook de herdenking van D-Day, de invasie op de Normandische stranden, 75 jaar geleden, die uiteindelijk een einde maakte aan de Duitse overheersing van ons land. Tijdens de oorlogsjaren trachtte de Nederlandse verzetsbeweging de bezetters te treffen door het plegen van sabotage en aanslagen.
Een terroristische beweging? In de ogen van de Duitse overheersers ongetwijfeld.
Zij zou in ieder geval als zodanig in de geschiedenisboekjes terecht gekomen zijn als de Duitsers de oorlog hadden gewonnen......
De vraag is te stellen: Wat is het meest legitiem?
Een regime dat stelselmatig een deel van de bevolking achterstelt en onderdrukt, de mensenrechten aan de laars lapt en de vrije pers monddood maakt, of een minderheid die opkomt voor haar rechten van vrijheid en gelijkheid en bereid is daarvoor te vechten?
Met andere woorden: wie is hier eigenlijk de terrorist?

Het had partijleider Tunahan Kuzu gesierd als hij afstand had genomen van het onbeschofte optreden van zijn partijgenoot. Maar nee, hij schaarde zich woedend achter Öztürk en verweet kamervoorzitter Arib een wrok te koesteren jegens Denk. Nou denk ik niet dat Khadija warme gevoelens heeft voor deze partij, zeker niet na de herhaalde aanvallen op haar als persoon, maar het is gewoon haar taak om in te grijpen als kamerleden de grenzen van het toelaatbare overschrijden. En feit is dat de heren dat keer op keer doen. Als kamerleden hebben de heren zich te houden aan de regels en afspraken die in de Kamer gelden. En als ze dat niet doen, is een reprimande op zijn plaats.
De democratische regels nopen ons deze partij binnen ons parlement te tolereren, maar het zou een zegen zijn voor diezelfde democratie als deze paladijnen van Erdogan na volgende verkiezingen niet terug zouden keren in de Kamer.....


Het is zaterdagmorgen.......
De wereld ligt onder een muisgrijze deken en de regen klettert tegen de ramen.
Goed voor de natuur, maar......
Ik verlang toch een beetje naar het weer van afgelopen zomer.
U ook?


zondag 18 mei 2014

Turkish Delight II


We bezochten de stad Ephese.
Althans, wat er van over is.....
Archeologen hebben de restanten blootgelegd van wat eens een welvarende stad was.
Ontstaan rond 1100 v. Chr. als een Griekse nederzetting, groeide het uit, als belangrijke havenplaats, tot een metropool rond het heiligdom van de oud-Griekse vruchtbaarheidsgodin Artemis.
Tijdens de Romeinse overheersing was het, na Rome, de grootste stad van het Romeinse Rijk.

Op het pleintje, vlak achter ons hotel, stapten we in de dolmuş (=Turks voor "volgepakte bus") welke ons bracht naar de voet van de heuvel waarop het oude Ephese eens lag. Vandaar lieten wij ons in een koetsje, getrokken door twee paardjes en met een grote grijsbesnorde Turk op de bok, voor een paar euro naar boven brengen.
Onderweg werd nog even een stop gemaakt bij de grot van de heilige Zevenslapers van Ephese (martelaren uit een christelijke legende die ook in de Koran worden genoemd).

De toegang tot de opgravingen is uitgerust met moderne poortjes die zich slechts willen openen als het aangeschafte toegangskaartje (30 TL, ongeveer 10 euro) in een gleuf is uitgelezen.
De resten van de oude stad zijn indrukwekkend.
Brede, met marmer geplaveide straten en voorts de restanten van wat eens imposante gebouwen geweest moeten zijn.
Resten van zuilen en gigantische steenblokken, velen rijkelijk versierd, staan en liggen verspreid over het terrein.
Zelfs met moderne hulpmiddelen en de huidige technologie lijkt het mij een heel gedoe om deze steenmassa's te verplaatsten, laat staan te stapelen.
Diep respect voor de bouwvakkers van toen!
Het geheel wordt echter ontsierd door een wanstaltige overkapping over een gedeelte van de opgravingen, (ongetwijfeld bedacht door iemand die zichzelf een "modern architect" noemt) aangeduid als "museum", waar men, als men wederom bereid is de portemonnee te trekken, de mooiste stukken bezichtigen kan.
Het meest indrukwekkend zijn de restanten van wat eens de belangrijkste bibliotheek ter wereld was, de bibliotheek van Celsus, gebouwd tussen 114 en 125 na Chr., tijdens de Romeinse periode.
Uit die tijd stamt ook het immense odeon, het openluchttheater, dat plaats bood aan 24.000 mensen.
En..... de toiletten!
Een grote vierkante ruimte met aan drie wanden plaats voor wel zo'n 30 personen met hoge nood.
En geen plastic of houten brilletje, nee, hoogwaardig, gepolijst marmer!
De ruimte had geen dak (meer?). Ik hoop voor de Epheziërs dat dat ook in hun tijd het geval was, anders kan ik mij voorstellen dat een chronische verkoudheid toen als een zegen werd ervaren.
Air Wick en Ambi Pur waren immers nog niet in de handel.

Geert mag dan Turkije graag als een achterlijk apenland afschilderen, de waarheid is natuurlijk toch wat meer genuanceerd.
In de tijd dat onze voorouders hier nog in dierenvellen rondbanjerden in zompig moerasland en zich in leven hielden door het verzamelen van vruchten en zaden en het vangen van onvoorzichtige konijnen en argeloze vissen, kende de regio rond Griekenland (Turkije, Perzië) reeds een hoge graad van beschaving.
Deze bloeide voort onder de Romeinen toen zij deze landen overheersten, en vormt zo de bakermat van onze huidige Westerse beschaving.

Nu kan men tegenwerpen dat die beschaving van toen nogal wat dubieuze kantjes had (het houden van slaven, gruwelijke lijfstraffen en het opdienen van misdadigers en christenen aan wilde dieren als volksvermaak), maar zolang wij kinderen die hier volledig geaard zijn nog het land uit willen zetten en bejaarde echtparen, die in een verzorgingstehuis wonen, gewoon uit elkaar willen halen (AD 13 mei: Wageningen haalt zonodig bejaarde echtparen uit elkaar), mankeert er aan onze "beschaving" ook nog wel het een en ander.

Terwijl wij zo'n 50 jaar geleden in de Blauwe Polder onze behoeften nog deden in de vrije natuur (zie Blauwe Polder Blues II), ging men in Ephese 2000 jaar geleden al keurig naar het "toilet".
Net als de badhuizen waren de toiletten belangrijk als ontmoetingsplaats.
Hier kon men zich niet alleen fysiek, maar ook geestelijk ontlasten.
Heerlijk, op het "gemak" gezeten, bil aan bil, werden de laatste nieuwtjes en roddels doorgenomen en werden, terwijl "het zaakje" keurig in de uitsparing hing, zaken gedaan.

En...... ook nu kunnen we nog iets van de Turken leren!
De toiletpotten zijn in Turkije namelijk uitgerust met een ingenieus en uiterst hygiënisch systeem.
Een systeem wat ik hier in Nederland nog niet heb aangetroffen.
Terwijl wij, na het doen van een "grote boodschap", aangewezen zijn op slechts toiletpapier om ons achterste te reinigen (of bij hardnekkige aanslag gebruik kunnen maken van een harde nylon pleeborstel), bezit de Turkse WC-pot een fonteintje, dat het sterretje na gedane arbeid keurig schoon kan spuiten.
Heerlijk!
Ook een soort "Turkish Delight".
Ik kan me zo voorstellen dat dit extra lekker is als je de avond daarvoor een pittige Indische rijsttafel hebt geconsumeerd.
Toch denk ik, dat dit systeem nog voor verbetering vatbaar is.
Een nadeel is namelijk, dat je na zo'n heerlijke sproeibeurt het achterwerk wel graag weer droog wil inpakken en ja, toiletpapier is dan niet echt het meest praktische hulpmiddel.
Al gauw zit je met een klont papier maché je achterste te poetsen.
Om te voorkomen dat men het meestal naast het fonteintje opgehangen gastendoekje gaat gebruiken, zou de WC-pot ook nog uitgerust moeten worden met een föhn.
In veel toiletten in openbare ruimten kom je ze al tegen.
Zo'n apparaat aan de wand dat na een druk op de knop je handen droog blaast na het handen wassen.
Zoiets moet toch ook in een WC-pot in te bouwen zijn?
En......, zo'n föhn heeft nog een bijkomend voordeel!
Toch?
Iedereen zegt het.
Als je haar maar goed zit......


Ik heb ergens nog een föhn liggen en in de schuur staat nog een ouwe hogedruk reiniger.
Misschien moet ik maar weer eens wat gaan knutselen....





zondag 11 mei 2014

Turkish Delight I


Ja, wij waren even in Turkije.
Vakantie.
Hoewel de temperaturen in Nederland niet bepaald noopten om uit te vliegen naar zonniger oorden, hadden we toch voor deze bestemming gekozen.
Want wàt Geert ook van Turkije mag vinden, als vakantieland is het gewoon geweldig.
De temperatuur lag iets hoger dan wat we hier in april gewend waren.
Lekker dus.
In ieder geval prettiger dan de hitte die we een aantal jaren geleden moesten doorstaan, toen we in het hoogseizoen in Marmaris onze vakantie doorbrachten.
Die hitte wisten we toen echter prima te bestrijden door boottochten te maken door de prachtige baaien en zo af en toe een duik te nemen in het glasheldere water.
Daar was het nu nog net even te fris voor.

Deze keer was gekozen voor Kuşadası, een stadje aan de westkust van Turkije, zo'n 90 km ten zuiden van Izmir, aan de Egeïsche Zee.
Het stadje ontleent zijn naam aan het eilandje voor de kust (kuş=vogel, ada=eiland).
Het kreeg de naam "vogeleiland", omdat veel vogels het tijdens de voorjaars- en najaarstrek gebruiken als rustplaats.
Op het eiland, tegenwoordig door een dam verbonden met het vasteland, staat nog een oud Byzantijns fort dat het stadje vroeger tegen piraterij moest beschermen.

Het kleinschalige hotel deed in kwaliteit zeker niet onder voor het grote resort in Marmaris waar wij eerder verbleven. Het eten (prachtig gepresenteerd op meterslange buffetten) was prima, de kamer kraakhelder en het bedienend personeel uiterst vriendelijk en correct. Daarbij had de eetzaal ook de uitstraling van een eetzaal en niet, zoals op het resort, van een gigantische vreetschuur.
Oké, het zwembad was wat kleiner, maar er waren wel voldoende ligbedden en stoelen en de zon scheen net zo lekker.
Lekker lezend, met een drankje onder handbereik en een modern muziekje, dat de bij tijd en wijle voor westerse oren minder melodieus klinkende klanken van de naburige moskee aardig wist weg te drukken, was het goed toeven.

Op weg naar het centrum, dat op loopafstand ligt, komen we langs een grote begraafplaats.
Een windvlaag voert een geur mee die doet vermoeden dat men hier niet zo diep begraaft....
In het centrum een wirwar van straatjes, gevuld met kleine winkeltjes.
Het geheel heeft een opmerkelijke gelijkenis met de Beverwijkse Bazaar.
Overal vriendelijke Turken die met veel overredingskracht trachten je hun toko binnen te praten om een verfrissing of hapje te nuttigen of de argeloze toerist proberen een tas (prachtige Prada tassen met een koperen plaatje "made in Milano", maar geproduceerd in Taiwan), een leren jas, overhemd, horloge (Cartier of Rolex, eveneens uit Taiwan) of andere snuisterij in de maag te splitsen.
Wel onderhandelen over de prijs.
Dat is wel even wennen voor een doorgewinterde Hollander.
Maar ja, als je het niet doet, draaien ze je geheid een poot uit.
De helft bieden van wat ze vragen en dan maar kijken of je tot elkaar komt.
Ze kunnen dan prachtig steunen en zuchten, maar als je bij je laatste bod wegloopt, is de kans groot dat ze je achterna komen om alsnog de koop te sluiten.
Op dat moment besef je dat je toch nog te veel betaalt.
Opvallend hoeveel Turken een aardig mondje Nederlands spreken.
En dan de winkeltjes, uitpuilend van souvenirs.
Prullaria waarmee de thuisblijvers gedwongen worden tot overtuigend acteerwerk als zij het kleinnood in ontvangst nemen.
"Goh, wat leuk! Dat had je nou niet moeten doen!"
Dat laatste zinnetje is dan meestal wèl gemeend.
Tussen de kettinkjes, hangertjes, koelkastmagneten en felgekleurde aardewerk schaaltjes staan stapels dozen.
Echt stàpels.
Turkish Delight. Mierzoete gummibrokken.
Bij ons bekend als Turks Fruit.
Het boek en de film kon ik zeer waarderen, maar de snoepwaar onder deze naam vind ik werkelijk niet te nassen.
Vier dozen voor vijf euro.
En zelfs daar is over te onderhandelen.
Ik heb de indruk dat niemand dat spul te vreten vindt.....


Mooie mensen, die Turken.
Knappe mannen, keurig gekapt.
En bloedmooie vrouwen.
Met van die prachtige, donkere, amandelvormige ogen.
Sommigen met een prachtige shawl om het hoofd gedrapeerd, die hun schoonheid nog eens accentueert.
Als je dan de oude mannen en vrouwen op hun bankjes ziet zitten, met doorgroefde koppen en minder gesoigneerd, is het moeilijk voor te stellen dat zij in hun jonge jaren ook in het bezit waren van deze schoonheid.....